FESTIVAL REVIEW: BLUES PEER, ZONDAG 28 MEI 2023

Een zonovergoten en uitverkocht Blues Peer genoot van heel wat muzikaliteit…

Na een volgepakt en gratis toegankelijke Peerse Feesten, was ook de zaterdag editie een succesverhaal. Peerse Feesten staat eigenlijk wat los van het Blues Fest. Net dat geeft de organisatie in de toekomst de gelegenheid om wat ruimer te gaan programmeren. Het waren net die feesten die in de jaren ’80 de aanleiding waren tot het wereldberoemde blues festival. Stijn Meuris en zijn Noordkaap speelde op vrijdag werkelijk de tent plat. Ook op zondag liep het festivalterrein aan de Deusterkapel vol. De frigo’s waren gevuld, de vaten aangesloten, dag drie van een tweede vernieuwde editie Blues Peer kondigde zich aan.

Tekst: Philip Verhaege

Fotoalbum: Walter Vanheuckelom


Blues is ‘The Healer’ zong ooit John Lee Hooker in 1989. En dit is eigenlijk van toepassing op Nico Goethals. Malvin Moskelez is het nom de plume van Nico Goethals, die zijn artiestennaam ontleed aan zijn beide grootmoeders: Malvina Tweckhuizen en Tatiana Moskalez. Malvin Moskelez ft. Steven De Bruyn mochten dus de zondag editie openen in de Mississippi Club Stage.Malvin was een van de best bewaarde geheimen in onze bluesscene. Tot vandaag dus…! Twintig jaar geleden werd Nico met zijn motorfiets van de weg gereden door een dronken bestuurder. Een lange revalidatie na een beenamputatie was helaas zijn deel. Maar hij bleef niet bij de pakken zitten en begon met schrijven van pakkende nummers. Nu had Malvin voor de gelegenheid Steven De Bruyn uitgenodigd. Dit duo had ook in enkele dagen Malvins debuutplaat ‘For The Beauty Kept Inside’ ingeblikt. We kregen een voorsmaakje van dit leuke hebbeding. Nummers als ‘Ghost’, ‘She Said’, “you van be anything, anything you want”, als je maar in jezelf gelooft én ‘To Wild Flowers’  werden geïntroduceerd door Malvins akoestische gitaar en Steven De Bruyn innemende bluesharp. Geen toeters en bellen voor Malvin Moskelez ft. Steven De Bruyn, maar rechttoe rechtaan knappe blues in de Club Mississippi !

G. Roots Gospelkoor was vorig jaar al te gast op Blues Peer. Ze lieten toen een diepe indruk na. De Mainstage Stage werd haast getransformeerd tot een gospelkerk. Het geloof verkondigen door muziek. Hallelujah…! ‘O Happy Days’ en ‘Stand By Me’ gingen er lekker in. ‘This Little Light Of Mine’ had een hiphop vibe. Black Gospel geserveerd door een Nederlands topkoor. Het evangelie en de blijde boodschap van Jezus was hierbij verkondigd.

Doghouse Sam & His Magnatones, een van Vlaanderens meest opwindende roots en bluesband. Het afgelopen decennia heeft Doghouse Sam & His Magnatones een unieke reputatie opgebouwd. In een ver verleden wonnen ze de Belgian Blues Challenge in 2014, en eindigden tweede op de European Blues Callenge van 2015. Met zijn ‘slapping bass’ neemt Martin Ubaghs het voortouw. De strakke drumslagen van Franky Gomez zijn het geprolongeerde voor Doghouse Sam’s a.k.a. Wouter Gielis melodische gitaarriffs, opwindende bluesharp en gruizige stem. Met een intens en doorleeft gevoel wervelen ze door hun setlist. Ze gaan zelfs even ‘back to basic’ met nummers als ‘Back In The Ring’, ‘Step It Up’ en ‘Going Mad’.

Met Cam Cole hadden we al vrij vroeg in de middag een eerste ontdekking. Een one-man band die sterk is beïnvloed door folk, Delta blues, rock-‘n-roll en een vleugje grunge. Een singer-songwriter pur-sang, een new age traveler die buskende blues produceerde in de straten van Londen. Footdrums en zijn gitaarsnaren! Met deze simplistische instrumentatie hypnotiseerde Cam Cole ons. Het overweldigende ‘New Age Blues’, het Delta blues en grung begeesterde ‘Truth Be Told’ en  het extatische ‘Mama and You Know’ en ‘Vibes’ waren wonderlijke vertolkingen. Right on!

Brian Templeton Blues Band is on the route. Brian Templeton, een pijler van de Boston-scene, zingt en speelt mondharmonica sinds 1989. Met een ritmesectie van en met Umberto Porcaro op gitaar, Bird Steven (bas) en drummer Nico Vanhove had bij Blues Per al snel op de hand. Templeton blijft een van onze favoriete zangers sinds het ontstaan van The Radio Kings. Wat een stemintonatie heeft Brian, en wat een vertolkingen waren songs als ‘Sugar Girl’, ‘Shame Shame’ en ‘I Know You Now’ wel niet. En dan was er nog onze favoriete Radio Kings song ‘It Ain’t Easy’….

Gitaarwizard Eric Stekel heeft met ‘The Steakhouse Sessions: Vol.1’ in de rekken. En dat hebben we op Blues Peer geweten. Stekel is inmiddels een protegé in de bluesrockwereld. Hij staat meer dan twee decennia op een podium. Zijn grote doorbraak kwam er op 12-jarige leeftijd toen blueslegende John Mayall hem uitnodigde voor zijn Europese tournee. Twaalf albums verder is Eric Stekel nog steeds een graag gezien gast. Als een vloedgolf strooit hij zijn gitaarriffs over de Deusterkapel. ‘Tennessee’ is een geestdriftige bluesrocker, en was net zoals de boogierocker ‘Take My Love To Town’ en het meer toegankelijkere ‘Solid Ground’ voorsmaakjes uit die nieuwe langspeler. Bij ZZ Top haalde hij zelfs even ‘Waiting For The Bus’ van onder het stof. Knappe set..!

Robert Jon & The Wreck zijn alweer in het land. Populair als ze zijn mochten ze ook hier niet ontbreken. De band ontving heel wat wereldwijde lofbetuigingen van rockliefhebbers, muziekorganisaties en media sinds ze in 2011 in Orange County, Californië werden opgericht door de getalenteerde Robert Jon Burrison. Niet veel later was de debuutplaat ‘Fire Started’ een succesverhaal. Sindsdien gaat het crescendo met hun muzikaliteit. Na het briljante 2020-album ‘Last Light On The Highway’ had de band met ‘Shine A Light On Me Brother’ een dijk van een plaat te promoten. Dit jaar hadden ze ook de liveplaat ‘At The Ancienne Belgique’ in de aanbieding. De ruwe song en Jons in whisky gedrenkte vocalen zijn de basis voor die geëigende sound. Drummer Andrew Espantman, Warren Murrel (keys), Henry James (leadgitaar) en bassist Warren Murrel vormen The Wrecks. Ze knallen zoals wel vaker, begeesteren ons met Southern rocker als ‘Pain No More’, het melodieuze ‘Do You Remember’ en ‘She’s A Fighter’, net zoals met ‘Waiting For Your Man’ en de pianoballade ‘Cold Night’. See you soon, guys…

De Irish folk singer-songwriter Luka Bloom was misschien wel de grootste verrassing van de dag. Met een ingetogen virtuositeit neemt hij ons zo bij het nekvel. Een aangenaam contrast met de haevy sound van Robert Jon en zijn Wreck. Als ervaren troubadour staat hij ontspannen op een podium. Met het hart van een dichter en de ziel van een rockster wordt Luka Bloom beschouwd als een van de meest gerespecteerde hedendaagse folk artiesten van Ierland. Hij fladdert mateloos doorheen zijn setlist. Het is net of hij blijft zich heruitvinden. Zijn  gitaar is zijn muze, een muze die hij liefheeft, een bezieling zonder effecten. Enkele zijn warme stem, zes snaren en zijn verhalen. Een gevarieerde set, die thuishoort in een livingroom concert reeks, en toch krijgt hij Blues Peer stil.

The Devon Allman Project was dé vervangings-act voor Samantha Fish, die later dit jaar Peer zal veroveren en waarschijnlijk meer dan zal verleiden. Blues Music Award winner, singer-songwriter/gitarist Devon Allman zet niet alleen de erfenis van The Allman Brothers voort, hij creëert ook zijn eigen erfgoed. Hij groeide op bij zijn moeder, begon als tiener muziek te spelen en was zestien toen hij zijn vader Gregg voor het eerst ontmoette. Niet veel later nodigde Gregg zijn zoon uit om op pad te gaan met The Allman Brothers Band, tijdens de Dreamstour van de band in de zomer van 1989. De muzikale weg was geplaveid. Een bescheiden Devon laat zich omringen door Bob Friezdema op toetsen. Devon omarmt nummers als ‘Sahara’, ‘Southern Rain’ en ‘Dreams’. En dit na een uitgesponnen instrumentale intro. Zijn hele showcase voelde hier aan als een grote jamsessie. Een sessie die net genoeg doorkneed was om een ​​generatie-tartend publiek samen te brengen.

De Franse soulster Ben L’Oncle Soul was ook voor een nobele onbekende.Benjamin Duterde is afkomstig uit Tours, niet zo heel var van Parijs. Onderlegt als hij is, is hij die Franse tongval ontgroeid. Ben creëert zijn eigen universum. Eentje dat barst van soul en knappe R&B. Bekend bij het grote publiek dankzij zijn gedurfde covers als ‘Seven Nation Army’, hier de openigsong, bracht Ben L’Oncle Soul tien jaar geleden een eerste album uit. ‘Red Mango’, zijn vijfde langspeler is opgenomen in Californië. Met een overduidelijke liefde voor labels als Motown waren nummers als ‘There’s a Light’, met zijn Ska-vibe, de soulballade ‘Is It You’ en ‘The Greatest’, dat ons onverwijld deed terugdenken aan een jonge Al Green, knappe retrosongs.

Sugaray Rayford stond hier vorig jaar ook geprogrammeerd. De Teddybeer van de blues, wiens vocale spreidingen werden gevormd op zevenjarige leeftijd in de plaatselijke kerk, waar hij naast heel wat gospelsongs ook de drumsticks leerde hanteren, is een geliefd artiest. Sugaray heeft zijn hart verpand aan de blues en die vintage soulsound. Met zijn grootschalig stemtimbre en aanporrende danspasjes zette hij samen met zijn band de Mississsippi Club tent alweer ‘on fire’. Werd het funky met ‘Urban Gypsys’ en blues met ‘Aun’t Kizzy’s Boys’. De sfeer zat meteen gebeiteld en met het swingende ‘Big Legs, Short Skirts’ en ‘Gonna Lift You Up’ leerde Rayford zijn fanbase wat feesten is. Bij de soulballade ‘Don’t Regret A Mile’ ging het gaspedaal er voor het eerst even af. Ja, voor even…!

De magische band The Waterboys mochten het gordijn achter zich dichtrekken. De band rond de Schotse spilfiguur/singer-songwriter Mike Scott werd opgericht in 1983. Hij is trouwens het enige origineel overgebleven bandlid. In datzelfde jaar verscheen de zelf-titelende debuutplaat ‘The Waterboys’. Vorig jaar hadden ze de langspeler ‘All Souls Hill’ te promoten, de opvolger van ‘Good Luck, Seeker’. De band is met ‘All Souls Hill’ een nieuwe muzikale weg in geslagen. Een afwijking van die organische Celtic folkrock die we van de band wel gewend waren. Scott is nooit vies geweest om een politieke mening en hij expliceert dit alles ook graag in zijn lyrics. Samen met het verdwijnen van de Ierse sidekick- en fiddler virtuoos Steve Wickham, die meer dan twintig jaar bandlid was bij The Boys, is ook dat Ierse folkrock gevoel wat verdwenen. De band opende haast traditiegetrouw met de bluesrocker ‘Where The Action Is’. Mike nam al snel plaats achter zijn keyboard voor de glam-rocker ‘This Is The Sea’ uit 1985 en het swingende ‘A Girl Called Johnny’, met zijn geweldige sax-outro. ‘Fisherman’s Blues’, die wel nog vol Keltische charme zat en de rootssong ‘How Long Will I Love You’ en de sing along song ‘The Whole Of The Moon’ waren excellent nummers van een al even schitterend concert. Mike Scott is nog steeds die innovatieve en ingenieuze vocale dichter. The Waterboys, een geweldige band…!


Tekst: Philip Verhaege

Fotoalbum: Walter Vanheuckelom